Financiën

Overzicht van baten en lasten

Overzicht van baten en lasten

Exploitatie (bedragen x € 1.000)

Primitieve begroting

Na wijziging

Realisatie

Verschil

Baten

0.

Bestuur en ondersteuning

124.048

125.312

129.429

4.117

1.

Veiligheid

133

177

193

16

2.

Verkeer, vervoer en waterstaat

349

593

677

84

3.

Economie

23.773

33.273

5.778

-27.494

4.

Onderwijs

1.174

1.284

1.403

119

5.

Sport, cultuur en recreatie

1.425

2.952

3.324

373

6.

Sociaal domein

14.911

21.128

24.156

3.028

7.

Volksgezondheid en milieu

11.788

11.891

12.991

1.100

8.

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

-245

8.123

9.518

1.395

Totaal baten

177.356

204.732

187.469

-17.263

Lasten

0.

Bestuur en ondersteuning

28.787

28.787

28.779

7

1.

Veiligheid

4.841

4.998

4.948

50

2.

Verkeer, vervoer en waterstaat

7.984

8.009

8.118

-109

3.

Economie

24.329

33.904

10.751

23.153

4.

Onderwijs

6.467

6.535

6.391

144

5.

Sport, cultuur en recreatie

12.916

14.939

15.351

-412

6.

Sociaal domein

77.682

85.612

86.036

-425

7.

Volksgezondheid en milieu

15.871

14.633

15.319

-686

8.

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

2.588

11.555

10.086

1.470

Totaal lasten

181.466

208.971

185.779

23.192

Gerealiseerd saldo van baten en lasten

0.

Bestuur en ondersteuning

95.262

96.525

100.649

4.124

1.

Veiligheid

-4.708

-4.821

-4.755

66

2.

Verkeer, vervoer en waterstaat

-7.635

-7.416

-7.441

-25

3.

Economie

-556

-632

-4.973

-4.341

4.

Onderwijs

-5.294

-5.251

-4.988

263

5.

Sport, cultuur en recreatie

-11.491

-11.987

-12.026

-40

6.

Sociaal domein

-62.771

-64.483

-61.880

2.603

7.

Volksgezondheid en milieu

-4.083

-2.742

-2.328

414

8.

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

-2.833

-3.433

-568

2.865

Totaal gerealiseerd saldo van baten en lasten

-4.110

-4.239

1.690

5.929

Onttrekking aan reserves

0.

Bestuur en ondersteuning

451

5.651

5.403

-248

2.

Verkeer, vervoer en waterstaat

92

113

184

71

4.

Onderwijs

123

68

68

0

5.

Sport, cultuur en recreatie

604

569

250

-319

6.

Sociaal domein

124

124

33

-91

7.

Volksgezondheid en milieu

1.211

438

147

-291

8.

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

602

1.558

929

-629

Totaal onttrekkingen aan reserves

3.207

8.522

7.014

-1.507

Toevoegingen aan reserves

0.

Bestuur en ondersteuning

0

4.918

4.918

0

7.

Volksgezondheid en milieu

0

148

131

-17

8.

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

0

524

524

0

Totaal toevoegingen aan reserves

0

5.591

5.573

-17

Saldo reserve mutaties

0.

Bestuur en ondersteuning

451

733

485

-248

2.

Verkeer, vervoer en waterstaat

92

113

184

71

4.

Onderwijs

123

68

68

0

5.

Sport, cultuur en recreatie

604

569

250

-319

6.

Sociaal domein

124

124

33

-91

7.

Volksgezondheid en milieu

1.211

289

16

-273

8.

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

602

1.034

405

-629

Totaalsaldo reservemutaties

3.207

2.931

1.441

-1.490

Gerealiseerd saldo

0.

Bestuur en ondersteuning

95.713

97.258

101.134

3.877

1.

Veiligheid

-4.708

-4.821

-4.755

66

2.

Verkeer, vervoer en waterstaat

-7.543

-7.303

-7.257

46

3.

Economie

-556

-632

-4.973

-4.341

4.

Onderwijs

-5.170

-5.183

-4.920

263

5.

Sport, cultuur en recreatie

-10.887

-11.417

-11.777

-359

6.

Sociaal domein

-62.647

-64.359

-61.848

2.511

7.

Volksgezondheid en milieu

-2.872

-2.452

-2.311

141

8.

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

-2.231

-2.399

-163

2.236

Gerealiseerd resultaat

-902

-1.309

3.131

4.439

Toelichting op overzicht Baten en Lasten per programma

0.

Bestuur en ondersteuning

0.1 Bestuur - Pensioenvoorziening wethouders
Door de komst van de Wet toekomst pensioenen (Wtp) worden de pensioenaanspraken van (voormalig) politieke ambtsdragers op 1 januari 2028 collectief overgedragen van de eigen gemeentelijke regeling (Appa) naar het pensioenfonds ABP. Deze transitie heeft financiële consequenties tot gevolg. Om de pensioenverplichtingen over te dragen, moet de gemeente een afkoopsom (overdrachtswaarde) aan het ABP betalen. Omdat het ABP werkt met een andere systematiek en dekkingsgraad dan de huidige gemeentelijke voorziening, valt deze inkoopsom hoger uit dan de huidige waarde van onze voorziening. Voorheen kwamen pensioenbetalingen voor wethouders die vóór 2012 uit dienst traden direct ten laste van de begroting. Om de overdracht naar het ABP in 2028 mogelijk te maken, moeten álle lopende en toekomstige verplichtingen — dus ook die van vóór 2012 — nu volledig in de overdrachtswaarde worden opgenomen. De rekenrente over 2025 was marginaal hoger dan in 2024. Dit heeft de benodigde dotatie iets verlaagd.
Per saldo is een eenmalige extra toevoeging van totaal € 2.251.000 noodzakelijk om de overstap naar het ABP volledig af te dekken. De jaarlijkse raming van € 70.000 voor directe pensioenbetalingen vervalt vanaf 2028, aangezien het ABP vanaf dat moment de uitvoering en betaling volledig overneemt. Dit levert een structurele besparing op, die wij verwerken in de 1e voortgangsrapportage 2026.

-2.251.000

N

I

0.2 Burgerzaken - Paspoorten en rijbewijzen
In 2025 is begroot op basis van het aantal verlopen documenten (bron: RViG) .
Er zijn minder documenten aangevraagd, zodat de baten € 153.000 minder zijn dan begroot. Ook de uitgaven voor de paspoorten en rijbewijzen zijn lager dan begroot. Het gaat hier om een bedrag van € 86.000. Omdat bij een verschil onder de € 100.000 niet wordt gerapporteerd, is dit niet zichtbaar bij de uitgaven.  De jaarlijkse cijfers kunnen fluctueren, echter de verhoogde vraag naar reisdocumenten houdt aan tot en met 2028. Per saldo valt deze post € 67.000 negatief uit.

-153.000

N

I

0.4 Overhead - Advieskosten
Het budget dat bedoeld was voor het opstellen van de rechtmatigheidsverantwoording is uiteindelijk niet besteed. Wij hebben de meeste voorbereidende werkzaamheden zelf kunnen uitvoeren.  Daarnaast was budget beschikbaar voor het project Financieel Gezonde Toekomst (FGT); hiervoor geldt ook dat het project met interne capaciteit is opgepakt. We melden een voordeel van € 140.000.

140.000

V

I

0.4 Overhead - Budgetten P&O
Op enkele budgetten in de bedrijfsvoering waren we genoodzaakt meer uit te geven. Het gaat om het ARBO-budget, loopbaanadviezen en outplacement. Dit houdt ook verband met de dynamiek waarin de organisatie zich momenteel bevindt.

-100.000

N

I

0.4 Overhead - Doorbelasting overhead
In de financiële verordening van de gemeente Zevenaar is bepaald dat overheadkosten worden toegerekend aan de kostprijs van een activum. Bij de salariskosten werd hier al rekening mee gehouden, maar met ingang van 2025 wordt bij de grondexploitaties in lijn met de financiële verordening (artikel 17 lid 1) ook over de inhuurkosten overhead toegerekend. In verband met de fiscale openingsbalans 2024 moest dit al in het boekjaar 2025 verwerkt worden. Dit was nog niet voorzien in de 2e VGR 2025. Voor 2025 is het overheadpercentage bepaald op 80% (overeenkomstig de kaders en uitgangspunten in de meerjarenbegroting 2025-2028). Een voordeel in 2025 van € 1.222.000.

1.222.000

V

I

0.4 Overhead - Extern juridisch advies
Het budget was in 2025 niet toereikend. De hogere kosten hebben betrekking op langlopende grote dossiers. Vanwege de complexiteit van deze dossiers zijn we genoodzaakt extern juridisch advies bij onze huisadvocaat in te zetten op dossiers zoals de raadsenquête en regievoering veelschrijvers. Daarnaast zijn de kosten van bezwaar en beroep toegenomen.

-100.000

N

I

0.4 Overhead - HRM personeelsinformatiesysteem
Voor de aanbesteding en implementatie van het personeelsinformatiesysteem was € 95.000 begroot. Door vertraging in het project is hiervan in 2025 € 35.000 uitgegeven. Totaal voordeel € 60.000. Dit bedrag vragen we opnieuw aan voor 2026 via de 1e voortgangsrapportage.

60.000

V

I

0.4 Overhead - Materieel openbare werken
De lasten zijn in totaal € 138.000 lager dan begroot. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door een voordelig resultaat van € 285.000 als gevolg van doorbelasting op materieel (€ 216.000), lagere brandstofkosten (€ 48.000) en diverse overige kosten die lager zijn (€ 21.000). Anderzijds door een nadelig resultaat van € 147.000. Deze hogere lasten bestaan uit een lagere bijdrage van de RDL voor de brandstofkosten (€ 56.000), hogere lasten voor belastingen en verzekeringen mede als gevolg van gestegen premies (€ 30.000), hogere onderhoudskosten en leasekosten (€ 41.000), en diverse overige gestegen lasten (€ 20.000). Totaal voordeel van € 138.000.                                                                       

138.000

V

I

0.4 Overhead - Personeelslasten en inhuur
Op dit programma is ten opzichte van de bijgeraamde begroting een voordeel ontstaan van € 453.000. Het saldo van de personeelslasten en inhuurbudgetten betreft alle afdelingen van de ambtelijke organisatie, inclusief inhuur wegens ziekte.  Daarnaast is de raming voor overwerk bij Openbare Werken slechts voor een deel nodig geweest. Op de andere programma's zijn ten laste van de inhuurbudgetten hogere lasten verantwoord met een nadeel als gevolg. De totale analyse van personeelslasten en inhuur van alle programma's samen komt uit op een voordeel van € 162.000. Deze vindt u bij de analyse van de personeelslasten in het onderdeel Financiën.

453.000

V

I

0.4 Overhead - Voorzieningen voor personeel
De voorziening sociaal plan was bedoeld om kosten op te vangen die ontstaan na de organisatieontwikkeling. Er worden in dit kader geen kosten meer verwacht. De voorziening valt vrij ten gunste van het resultaat voor een bedrag van € 125.000.
Op basis van het saldo van verlofsparen opgebouwd door medewerkers per 31-12-2025 laten we de voorziening voor verlofsparen vrijvallen voor een bedrag van € 61.000. In totaal een voordeel van € 186.000.

186.000

V

I

0.4 Overhead - Vergoeding voor personeel
In verschillende teams van de organisatie is personeel tijdelijk gedetacheerd of uitgeleend naar andere overheidsorganisaties, vaak een gemeenschappelijke regeling of andere gemeente. Daarnaast is een specifieke uitkering ontvangen van het Rijk voor de uitvoering van het Integraal Zorgakkoord. (IZA). Voor een deel zijn deze inkomsten niet geraamd waardoor een voordeel is ontstaan. De inkomsten worden gedurende het jaar steeds ingezet als dekking voor inhuur derden binnen onze eigen organisatie.

144.000

V

I

0.8 Overige baten en lasten - Dekking loon- en prijsindexatie
Van de uitkering uit het gemeentefonds was voor 2025 een bedrag van € 1.278.000 beschikbaar voor indexatie. Dit kwam nog aanvullend naar voren in de septembercirculaire 2024 en de meicirculaire 2025. Van dit bedrag is € 1.118.000 ingezet voor nog te verwerken indexatie 2025 van de zorgkosten Wmo en jeugd. In de 2e VGR 2025 is abusievelijk verzuimd om het resterende bedrag van € 160.000 vrij te laten vallen. Een voordeel van € 160.000.

160.000

V

I

0.10 Onttrekkingen reserves - Algemene reserve
Aan de algemene reserve is minder onttrokken voor de kosten voor de invoering van de Omgevingswet. Een nadeel van € 84.000 op dit programma. De geraamde onttrekking in verband met onderhoud gebouwen voor een bedrag van € 66.000 heeft niet plaats gevonden. Dit geldt ook voor de onttrekking ten behoeve van sloop Nieuwe Komstraat Lobith en de projectleider Financieel Gezonde Toekomst (FGT). In totaal melden we lagere onttrekkingen voor een bedrag van € 248.000 (nadeel).

-248.000

N

I

0.11 Resultaat van de rekening
Het begrote, negatieve resultaat na wijziging komt binnen dit programma als een nadelig verschil naar voren.

-1.309.000

N

I

0.61 OZB-woningen - Belasting op eigendom woningen
Over 2025 realiseren we een meeropbrengst van de OZB voor woningen van € 210.000. Dit komt doordat de inschatting van de WOZ-waardeontwikkeling lager was dan de uiteindelijke gerealiseerde waardeontwikkeling.

210.000

V

I

0.62 OZB niet-woningen - Belasting op eigendom en gebruik bedrijven
In 2025 verantwoorden we ten opzichte van de begroting een hogere opbrengst van de OZB voor niet-woningen van € 195.000. De daadwerkelijke WOZ-waarden van niet-woningen blijken hoger te zijn dan eerder geraamd.

195.000

V

I

0.63 Parkeerbelasting - Opbrengsten parkeren
De opbrengsten van parkeren zijn in totaal € 151.000 hoger dan begroot. Het onderdeel parkeergelden (straatparkeren) is € 74.000 hoger dan begroot. Dit komt deels doordat de invoering van het 2e uur gratis parkeren vanaf juni 2025 is vervallen en het koopgedrag van mensen. Dit heeft geleid tot een hogere opbrengst parkeergelden. Samen met een hogere opbrengst parkeervergunningen (€ 67.000) en een hogere opbrengst parkeerboetes (€ 10.000) leveren de parkeeropbrengsten een voordeel op van € 151.000.

151.000

V

I

0.7 Algemene uitkering - September- en decembercirculaire
In de begroting 2025 zijn de uitkeringen uit het gemeentefonds verwerkt tot en met de meicirculaire 2025. In deze jaarrekening verantwoorden wij de mutaties uit de september- en decembercirculaire 2025. Over beide circulaires hebben wij u met een raadsinformatiebrief geïnformeerd. Hieronder geven wij daar een samenvatting van.

In de september- en decembercirculaire is in totaal € 3.347.000 meer aan algemene uitkering ontvangen. Hieronder de specificatie:
+/+€ 2.654.000 taakmutaties
+/+ € 444.000 hoeveelheidsverschillen
+/+ € 195.000 afrekeningen voorgaande jaren
+/+ € 308.000 teveel ontvangen maatstaf huishoudens met laag inkomen boven drempel
-/- € 258.000 voorschot BTW-compensatiefonds onder het plafond

Hieronder volgt een uitsplitsing van de taakmutaties:
€ 2.044.000 hervormingsagenda jeugd 2023 en 2023
€ 149.000 vervroegde tweede kamer verkiezingen 2025
€ 121.000 Wet versterking regie volkshuisvesting
€ 101.000 participatie
€ 239.000 overige kleinere taakmutaties
Totaal € 2.654.000

3.347.000

V

I

0.9 Vennootschapsbelasting (VPB)
Door een extern adviesbureau is een voorlopige berekening gemaakt van het belastbare bedrag voor de vennootschapsbelasting. De verwachting is dat het belastbare bedrag over 2025 negatief uit zal vallen. HIerdoor kunnen we de last van de vennootschapsbelasting die we in 2024 hebben opgenomen in de jaarrekening volledig verrekenen. Dit levert in 2025 een voordeel op van € 146.000.

146.000

V

I

Programma 0 - Bestuur en ondersteuning - Overige verschillen
Naast de omschreven afwijkingen per taakveld zijn er diverse kleine verschillen (bedragen < € 100.000) die wij verder niet toelichten.

177.000

V

I

1.

Veiligheid

Programma 1 Veiligheid - Overige verschillen
De afwijkingen binnen dit programma bestaan uit diverse kleine verschillen (< € 100.000) die wij niet verder toelichten.

66.000

V

I

2.

Verkeer, vervoer en waterstaat

Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat - Overige verschillen
De afwijkingen binnen dit programma bestaan uit diverse kleine verschillen (< € 100.000) die wij niet verder toelichten.

46.000

V

I

3.

Economie

3.2 Grondexploitatie (bedrijventerrein) - Grondexploitatie Zevenaar-Oost Bedrijven
Ten behoeve van de jaarlijkse herziening van de grondexploitatie heeft een integrale doorrekening plaatsgevonden. Deze herziening is uitgevoerd op basis van de actuele marktontwikkelingen en de op 16 december 2025 vastgestelde Notitie Parameters. De resultaten van deze jaarlijkse actualisatie zijn opgenomen in de Uitvoeringsrapportage Grondexploitatie 2025.

In deze rapportage is het verwachte resultaat voor Zevenaar-Oost Bedrijven bepaald op € 8.590.000 (netto contante waarde, peildatum 1 januari 2026). Ten opzichte van het voorgaande jaar betekent dit een verslechtering van € 4.354.000 NCW.

De verslechtering wordt veroorzaakt door de volgende factoren:
1. Bijstelling grondopbrengsten
Op basis van een marktonderzoek naar grondprijzen van bedrijfskavels zijn de grondopbrengsten neerwaarts bijgesteld. Dit leidt tot een negatief effect van € 274.000.
2. Rente-effecten
De rente-effecten binnen de diverse deelgrondexploitaties leiden per saldo tot een nadeel van € 522.000. De hogere rentevoet werkt positief uit op deze winstgevende grondexploitatie.
3. Prijspeilcorrectie
Om de budgetten te actualiseren naar het huidige prijsniveau is een prijspeilcorrectie toegepast. Deze correctie resulteert in een negatief effect van € 477.000.
4. Actualisatie kosten- en opbrengstenstijging
De percentages voor kosten- en opbrengstenstijging zijn geactualiseerd op basis van de uitgangspunten voor de herziening per 1 januari 2026. Hoewel zowel de kosten als opbrengsten stijgen, leidt de relatief sterkere kostenstijging tot een negatief effect van € 293.000.
5. Vertraging Tracébesluit Via15 en plankosten:
Net als vorig jaar leidt de vertraging rond het Tracébesluit Via15 tot uitstel in de uitvoering. Dit heeft extra plankosten tot gevolg (circa € € 0,6 miljoen) Daarnaast wordt vanaf 2025, conform de financiële verordening van de gemeente Zevenaar, ook overhead (2025: 80%) over de inhuurkosten doorbelast aan de grondexploitaties (effect circa € 1,3 miljoen). Deze combinatie beïnvloedt de VTU- en plankosten en resulteert in een nadeel van € 1.893.000.
6. Civieltechnische werken
Op basis van een nieuwe civieltechnische raming, uitgaande van het volledige plangebied 7Poort en inclusief herstelwerkzaamheden, is een nadelig effect van € 895.000 ontstaan.

-4.354.000

N

I

Programma 3 Economie - Overige verschillen
Naast de omschreven afwijkingen per taakveld zijn er diverse kleine verschillen (< € 100.000) die wij niet verder toelichten.

13.000

V

I

4.

Onderwijs

4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken - Leerlingenvervoer
De uitgaven met betrekking tot het leerlingenvervoer laten ten opzichte van de begroting een voordeel zien van afgerond € 120.000. Dit voordeel bestaat voor € 65.000 uit geraamde kosten voor maatregelen om zelfstandig reizen (verder) te bevorderen en meer gebruik van het openbaar vervoer. Voor deze maatregelen zijn vrijwel geen kosten gemaakt. Daarnaast heeft het verbeterplan doelgroepenvervoer bijgedragen in de lagere kosten van de BVO DRAN met betrekking tot het leerlingenvervoer (€ 55.000).

120.000

V

I

Programma 4 Onderwijs - Overige verschillen
Naast de omschreven afwijkingen per taakveld zijn er diverse kleine verschillen (bedragen < € 100.000) die wij verder niet toelichten.

143.000

V

I

5.

Sport, cultuur en recreatie

5.1 Sportbeleid en activering - Sportbeoefening en -bevordering (SPUK Breed)
De specifieke uitkering 'versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026' (zgn. SPUK Breed) van het Rijk bedraagt ruim € 920.000 en is verdeeld over 15 onderdelen en diverse taakvelden binnen programma's 5, 6 en 7 (Sport, cultuur en recreatie/Sociaal domein/Volksgezondheid en milieu). De totale werkelijke lasten voor dit onderdeel/taakveld zijn aan het eind van het jaar bekend en bedragen € 300.000 (nadeel). Tegenover de werkelijke lasten wordt het daarvoor beschikbare deel van de SPUK Breed ingezet als dekking (voordeel € 300.000 / zie ook toelichting nadeel onder Baten bij dit taakveld).

-300.000

N

I

5.1 Sportbeleid en activering - Sportbeoefening en -bevordering (SPUK Breed)
De specifieke uitkering 'versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026' (zgn. SPUK Breed) van het Rijk is ingezet voor dekking van werkelijke lasten voor dit onderdeel/taakveld die eind van het jaar bekend zijn (Voordeel € 300.000) Tegenover deze baten staan voor hetzelfde bedrag hogere lasten (zie ook toelichting nadeel onder lasten bij dit taakveld).

300.000

V

I

5.2 Sportaccommodaties - Sportbedrijf
Het ontstane tekort op de DVO (dienstverleningsovereenkomst met Ataro) is veroorzaakt door o.a. indexaties die hoger uitvallen dan de aanpassingen die destijds zijn verwerkt in de 2e voortgangsrapportage (2e VGR 2025) op basis van de concept DVO 2025. Hierbij is geen rekening gehouden met de in de 1e VGR 2025 opgenomen aanvullende bijdrage van € 124.000 (exclusief kostenverhogende btw), waardoor de mutaties in de 2e VGR, per saldo, een te positief resultaat lieten zien (eenmalig € 259.000). Het nadeel bedraagt € 139.000.

-139.000

N

S

5.2 Sportaccomodaties - Sportbedrijf gebouwen
Er is een voordeel van € 141.000 op sportbedrijf gebouwen. Bij de 1e voortgangsrappportage 2025 is het budget verhoogd met (€ 148.000) in verband met hoger verbruik van elektriciteit en het lagere begrote bedrag in 2025. Op basis van lagere prijs per KwH en gebruik komt dit lager uit (€ 98.000). Daarnaast is minder uitgegeven aan onderhoud (€ 25.000) en diverse kleine verschillen (€ 18.000).  

141.000

V

I

5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
In 2022 zijn wij gestart met het inhalen van de onderhoudsachterstand. Het geraamde budget € 387.000 is deels besteed. Het restant van 2025 (€ 301.000) besteden wij in 2026. Bij de lasten een voordeel van € 301.000. Zie ook toelichting bij onttrekkingen reserves een nadeel.

301.000

V

I

5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
Het ontstane tekort op de budgetten van de integrale beeldkwaliteitsbestekken groen Zevenaar Noord, Midden, Zuid en onderhoud bermen is ontstaan als gevolg van aanpassingen in de hoeveelheden in de bestekken en verlenging van het huidige contract en de daarmee gepaard gaande indexering.

-364.000

N

I

0.10 Onttrekkingen reserves - Onderhoudsachterstand groen
In 2022 zijn wij gestart met het inhalen van de onderhoudsachterstand. Wij hebben de geraamde € 387.000 deels besteed. Het restant van 2025 (€ 301.000) besteden wij in 2026. Bij de onttrekking reserve een nadeel van € 301.000. Zie ook toelichting bij lasten een voordeel.

-301.000

N

I

Programma 5 Sport, cultuur en recreatie - Overige verschillen
Naast de omschreven afwijkingen per taakveld zijn er diverse kleine verschillen (< € 100.000) die wij verder niet toelichten.

3.000

V

I

6.

Sociaal domein

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie - Burgerinitiatieven en vrijwilligerswerk / Preventie (SPUK Breed)
De specifieke uitkering 'versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026' (zgn. SPUK Breed) voor 2025 bedraagt ruim € 920.000 en is verdeeld over 15 onderdelen en diverse taakvelden binnen programma's 5, 6 en 7 (Sport, cultuur en recreatie/Sociaal domein/Volksgezondheid en milieu). De totale werkelijke lasten voor de onderdelen/taakveld binnen dit programma zijn aan het eind van het jaar bekend en bedragen afgerond € 203.000 (nadeel). Tegenover de werkelijke lasten wordt het daarvoor beschikbare deel van de SPUK Breed ingezet als dekking (zie ook toelichting voordeel onder baten bij dit taakveld).

-203.000

N

I

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie - Kosten preventie
In 2025 zijn enkele taken op het gebied van preventie uitgevoerd in de vorm van projecten. Het gaat dan met name om Straatcoaching (Kansrijk jongerenwerk) en GGZ in de Wijk. In totaliteit laten de projecten een overschrijding zien van afgerond € 188.000. Deze projecten zijn vrijwel volledig (€ 168.000) gedekt door externe bijdragen (zie ook toelichting bij de baten).

-188.000

N

I

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie - Minderheden
In 2025 is extra budget geraamd, met als dekking de bestemmingsreserve 'Opvang en begeleiding Oekraïners' bedoeld voor het aanpassen van woningen voor huisvesting van grote gezinnen. Deze kosten worden naar verwachting in 2026 en 2027 gemaakt, maar heeft vertraging opgelopen door het gebrek aan beschikbare woningen en de benodigde onderzoeken. Daarnaast was een deel bestemd voor de begeleiding van statushouders voor een pilot deelwonen. De verwachting is dat deze activiteiten in 2026 van start gaan en doorlopen in 2027. Voor 2025 is dit een voordeel van € 100.000. Tegenover de lagere lasten staat voor hetzelfde bedrag een nadeel door lagere onttrekking van de vermelde bestemmingsreserve.

100.000

V

I

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie - Minderheden
De lasten voor uitvoering van de wettelijke taken voor de 'Wet inburgering' en voor de 'Onderwijsroute' zijn lager. Het voordeel bedraagt € 102.000. Zie verdere toelichting onder baten.

102.000

V

I

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie - Burgerinitiatieven en vrijwilligerswerk / Preventie (SPUK Breed)
De in 2025 ontvangen specifieke uitkering 'versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026' (zgn. SPUK Breed) is ingezet voor dekking van de werkelijke lasten voor de onderdelen/taakveld binnen dit programma. Hiervoor is een bedrag ontvangen en ingezet van € 203.000 (voordeel). Tegenover deze baten staat voor hetzelfde bedrag aan hogere lasten / zie ook toelichting nadeel onder lasten bij dit taakveld).

203.000

V

I

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie - Kosten preventie
In 2025 zijn enkele taken op het gebied van preventie uitgevoerd in de vorm van projecten. Het gaat dan met name om Straatcoaching (Kansrijk jongerenwerk) en GGZ in de Wijk. Deze projecten konden grotendeels extern worden gefinancierd, in totaal voor € 168.000. De totale kosten bedroegen € 188.000 (zie ook toelichting bij de lasten).

168.000

V

I

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie - Minderheden
In 2025 is rekening gehouden met voorlopige bedragen voor de Rijksvergoedingen voor de specifieke uitkeringen 'Wet inburgering 2021' en 'Onderwijsroute'. De ontvangen bedragen zijn lager op basis van een prognose van het aantal asielstatushouders en gezins- en overige migranten. Het nadeel bedraagt € 102.000. Tegenover dit nadeel staat een voor hetzelfde bedrag een voordeel vanwege lagere lasten.

-102.000

N

I

6.1 Samenkracht en burgerparticipatie - Minderheden
In 2025 zijn vergoedingen ontvangen van het COA vanuit het faciliteitenbesluit voor 2023, 2024 en 2025. Deze middelen zijn niet ingezet in 2025. De komende jaren willen wij deze middelen in zetten voor verschillende projecten op het gebied van opvang Oekraïne en statushouders. Bij het raadsvoorstel behorende bij de jaarstukken vragen wij om dit bedrag te doteren aan de Bestemmingsreserve Oekraïne via de resultaatbestemming. Het voordeel bedraagt € 111.000.

111.000

V

I

6.3 Inkomensregelingen - Inkomensvoorzieningen
Gemeente Zevenaar is een tekort gemeente, de BUIG-uitkering sluit niet voldoende aan bij de realiteit van het uitkeringsbestand, de kosten zijn dus hoger dan het budget dat door het Rijk beschikbaar wordt gesteld. Hierover is de gemeente in bezwaar en beroep gegaan, ook zijn er beleidsmatige maatregelen genomen om het te kort verder terug te dringen.

-137.000

N

I

6.3 Inkomensregelingen - Minimabeleid
De kosten voor de uitvoering van het minimabeleid zijn lager door aanpassingen van de regeling voor de collectieve zorgverzekering en lagere uitgaven voor de alleenverdienersproblematiek en bijzondere bijstand. Het voordeel bedraagt € 268.000.

268.000

V

I

6.3 Inkomensregelingen - Inkomensvoorzieningen
De hogere baten zijn een gevolg van de hogere vaststelling van het definitief door het Rijk vastgestelde BUIG budget 2025 t.o.v. het in oktober 2024 gepubliceerde voorlopig budget. Daarnaast is rekening gehouden met een aanvullende vangnetuitkering vanwege het tekort, boven de 5%, op de BUIG. Het voordeel bedraagt € 615.000.

615.000

V

I

6.4 WSW en beschut werk - Sociale werkvoorziening
De Impulsbudgetten voor 'Sociale Infrastructuur' die door het Rijk in voorgaande jaren beschikbaar gesteld zijn voor de centrumgemeente van de arbeidsmarktregio waren voldoende om de kosten te dekken. Hierdoor zijn de incidentele (2024) en structurele middelen ingaande 2025 per gemeente niet ingezet (voordeel € 215.000). Daarnaast is de bijdrage voor het materieel werkgeverschap Wsw lager (voordeel € 26.000). Per saldo bedraagt het voordeel € 241.000.

241.000

V

I

6.5 Arbeidsparticipatie - Participatiebudget re-integratie
De overschrijding op het participatiebudget wordt voornamelijk veroorzaakt door de complexiteit van de doelgroep, waardoor meer en intensievere begeleiding nodig is om stappen richting werk te zetten. De kosten voor de inzet op nieuw beschut werk en mensen met een doelgroepindicatie brengen extra uitgaven met zich mee, onder andere voor jobcoaching en compensatie voor werkgevers. Deze uitgaven zijn noodzakelijk om de doelgroep arbeidsbeperkten aan het werk te laten gaan. Ook de uitgaven aan reiskosten voor statushouders in hun inburgeringstraject hebben bijgedragen aan de hogere lasten. Het nadeel bedraagt € 159.000.

-159.000

N

I

6.60 Hulpmiddelen en diensten (WMO) - Vervoersvoorzieningen
Op een totaalbudget van € 2.062.000 is een financieel voordeel ontstaan van € 470.000 bij de woningaanpassingen, scootmobielen en rolstoelen. Door kostenbewustheid en extra aandacht op de toegang is er een financieel voordeel ontstaan. Bij de scootmobielen en rolstoelen afgerond € 350.000 en bij de woonvoorzieningen  € 120.000.

470.000

V

I

6.711 Huishoudelijke hulp (WMO) - HbH
Op een totaalbudget van € 7.600.000 voor hulp bij het huishouden is een financieel voordeel ontstaan van € 117.000. We zien nog steeds een stijging van het aantal inwoners dat gebruik maakt van hulp bij het huishouden. Maar de gemiddelde kosten per cliënt laten een lichte daling zien.

117.000

V

I

6.711 Huishoudelijke hulp (WMO) - Eigen bijdragen
Via het CAK worden eigen bijdragen geïnd in het kader van de WMO. Deze eigen bijdragen laten een voordelig verschil zien van € 100.000.

100.000

V

I

6.712 Begeleiding (WMO) - Begeleiding en bemoeizorg
Op het taakveld WMO Begeleiding is op een raming van € 3,9 miljoen een nadeel ontstaan van € 285.000. Deze wordt voor ongeveer € 130.000 verklaard door een stijging van het aantal inwoners dat begeleiding ontvangt. Daarnaast is er sprake van een nadeel van € 150.000 die wordt veroorzaakt door uitgaven voor bemoeizorg. De kosten voor deze specifieke groep stijgen nog steeds.

-285.000

N

I

6.75 Jeugdhulp ambulant
Voor de jeugdhulp ambulant is afgerond € 11.085.000 geraamd. De uitgaven in 2025 bedroegen € 11.975.000. Een nadeel van € 890.000. Wat opvalt is dat de kosten bij jeugdhulp met verblijf een vergelijkbaar resultaat laten zien ten opzichte van de begroting, maar dan positief.
Geprobeerd wordt zo min mogelijk gebruik te maken van uithuisplaatsingen. Vaak heeft dit wel gevolgen voor de ambulante hulp. Je ziet een verschuiving. Alleen zou er een voordeel worden verwacht met betrekking tot de uitgaven. Dit is niet direct zichtbaar in de cijfers van 2025. Dit wordt veroorzaakt door enkele factoren. De pilot voor gezinscoaches is door omstandigheden tijdelijk gestopt waardoor er meer indicaties zijn afgegeven die eerder door de gezinscoach konden worden opgepakt. Daarnaast valt een onderdeel van de (nieuwe) essentiële functies onder ambulante jeugdhulp en wordt er vrij veel één op één begeleiding ingezet.

-890.000

N

I

6.76 Jeugdhulp met verblijf
Voor de jeugdhulp met verblijf is afgerond € 10.175.000 geraamd. De uitgaven in 2025 bedroegen € 9.305.000. Een financieel voordeel van € 870.000.
De jeugdhulp met verblijf heeft een sterke relatie met de ambulante jeugdhulp. Bij dat onderdeel staat een uitgebreidere toelichting.

870.000

V

I

6.762 Jeugdhulp met verblijf regionaal - Woonplaatsbeginsel
Afgelopen jaar is gebleken dat er zorgkosten zijn betaald die op basis van het woonplaatsbeginsel niet voor rekening diende te komen van de gemeente Zevenaar. De betaalde kosten zijn in rekening gebracht bij de juiste gemeente. Dit levert op dit taakveld een voordeel op van afgerond € 145.000.

145.000

V

I

6.791 PGB WMO - Persoonsgebonden budget
De vraag naar PGB's (Persoonsgebonden budget) in het kader van de WMO laat nog steeds een daling zien. Dit jaar betekent dit een voordeel van € 170.000.

170.000

V

I

6.792 PGB Jeugd - Persoonsgebonden budget
De vraag naar PGB's (Persoonsgebonden budget) in het kader van de jeugd laat nog steeds een daling zien. Dit jaar betekent dit een voordeel van € 120.000.

120.000

V

I

6.821 Jeugdbescherming
Met betrekking tot de jeugdbescherming zijn de kosten binnen de raming van € 1.200.000 gebleven. Het financiële voordeel bedraagt afgerond € 310.000. Bij de jeugdbescherming fluctueren de kosten sterk en zijn we grotendeels afhankelijk van andere partijen.

310.000

V

I

0.10 Onttrekkingen reserves - Reserve opvang en begeleiding Oekraïners
Er is rekening gehouden met een onttrekking van € 100.000 uit de bestemmingsreserve. Deze is niet ingezet omdat er alternatieve dekkingsmiddelen zijn gevonden of de werkzaamheden zijn uitgesteld.

-100.000

N

I

Programma 6 Sociaal domein - Overige verschillen
Naast de omschreven afwijkingen per taakveld zijn er diverse verschillen kleiner dan € 100.000, die niet verder worden toegelicht.

465.000

V

I

7.

Volksgezondheid en milieu

7.1 Volksgezondheid en milieu - Volksgezondheid / Jeugdgezondheidszorg (SPUK Breed)
De specifieke uitkering 'versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026' (zgn. SPUK Breed) voor 2025 bedraagt ruim € 920.000 en is verdeeld over 15 onderdelen en diverse taakvelden binnen programma's 5, 6 en 7 (Sport, cultuur en recreatie/Sociaal domein/Volksgezondheid en milieu). De totale werkelijke lasten voor dit onderdeel/taakveld zijn aan het eind van het jaar bekend en bedragen € 247.000 (nadeel). Tegenover de werkelijke lasten wordt het daarvoor beschikbare deel van de SPUK Breed ingezet als dekking (zie ook toelichting voordeel onder baten bij dit taakveld).      

-247.000

N

I

7.1 Volksgezondheid en milieu - Volksgezondheid / Jeugdgezondheidszorg (SPUK Breed)
De specifieke uitkering 'versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026' (zgn. SPUK Breed) van het Rijk bedraagt ruim € 920.000 en is verdeeld over 15 onderdelen en diverse taakvelden binnen programma's 5, 6 en 7 (Sport, cultuur en recreatie/Sociaal domein/Volksgezondheid en milieu). De totale werkelijke lasten voor dit onderdeel/taakveld zijn aan het eind van het jaar bekend en bedragen € 247.000. Tegenover de werkelijke lasten wordt het daarvoor beschikbare deel van de SPUK Breed ingezet als dekking (Voordeel € 247.000 / zie ook toelichting nadeel onder lasten bij dit taakveld).

247.000

V

I

7.3 Afval - Afvalinzameling - zwerfafval
1 januari 2023 is de Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheid (UPV) voor Singel Use Plastic-richtlijn (SUP) van kracht gegaan. Producenten van verpakkingen zijn nu medeverantwoordelijk voor het betalen van het opruimen en verwerken van wegwerp plastics. In november 2025 heeft de eerste uitbetaling plaatsgevonden, dit betrof de uitbetaling van 2023 en 2024. Elk jaar wordt dit bedrag opnieuw berekend over het voorgaande jaar. Met het ingaan van deze regeling is de "oude" zwerfafvalvergoedingsregeling vervallen. Dit levert een voordeel op van € 140.000. Daarnaast op afvalinzameling - PMD mede als gevolg van een toename afval nog een voordeel van € 53.000.  

193.000

V

I

7.3 - Afval - Afvalstoffenheffing
Vanaf augustus 2025 heeft de RDL drie nieuwe vuilniswagens in gebruik genomen. Door een mankement in het administratieve proces zijn de geregistreerde ledigingen van deze wagens niet doorgezet naar het afvalregistratiesysteem van BWaste. Hierdoor zijn deze gegevens niet verwerkt in de belastingadministratie. Dit heeft geleid tot een lagere opbrengst van € 122.000. Daarnaast is er een nadeel van € 70.000 ontstaan doordat aan minder huishoudens vastrecht kon worden opgelegd. Het totale nadeel wordt gecompenseerd door meevallers binnen de kostenpost afvalbeheer en is gedekt via de reserve afval.

-192.000

N

I

7.4 Milieubeheer - Lokale aanpak isolatie
Door het Rijk zijn middelen beschikbaar gesteld om miljoenen bestaande woningen te isoleren. Tot en met 2025 zijn drie tranches via een SPUK-uitkering beschikbaar gekomen. Te besteden tot en met 2028. De nadruk ligt op de slecht geisoleerde woningen van eigenaar-bewoners in de lagere inkomensgroepen (tot 150% van het sociaal minimum). De uitvoering hiervan is in 2025 gestart. Per saldo zijn de baten en lasten in de jaarrekening budgettair neutraal. Bij de lasten een nadeel van € 895.000.   

-895.000

N

I

7.4 Milieubeheer - Uitvoeringsprogramma duurzaamheid 2023-2026
In het uitvoeringsprogramma duurzaamheid 2023-2026 was een bedrag van € 417.000 opgenomen voor 2025. De realisatie was € 147.000. De belangrijkste reden hiervoor is: dat de uitvoering van de Lokale Aanpak Energiearmoede naar verwachting pas start in 2026, na de afronding van een Europese aanbestedingsprocedure. Dit levert een voordeel op in 2025 van € 139.000. Daarnaast is er nog een aantal onderdelen met afwijkingen onder de € 100.000. Dekking van de lasten vindt plaats uit de bestemmingsreserve duurzaamheid. Per saldo zijn de onttrekkingen uit de reserve en de lasten in de jaarrekening budgettair neutraal. Bij de lasten een voordeel van € 270.000.

270.000

V

I

7.4 Milieubeheer - Lokale aanpak isolatie
De uitvoering van de lokale aanpak isolatie wordt gedekt door een SPUK-uitkering. De resterende middelen zijn overgeheveld naar 2026. Per saldo zijn de baten en lasten in de jaarrekening budgettair neutraal. Bij de baten een voordeel van € 895.000.

895.000

V

I

0.10 Onttrekkingen reserves - Uitvoeringsprogramma duurzaamheid 2023-2026
Op begrotingsbasis is rekening gehouden met een onttrekking uit de bestemmingsreserve duurzaamheid van € 417.000. De werkelijke onttrekking is € 147.000. Per saldo zijn de lasten en onttrekkingen budgettair neutraal. Bij de onttrekkingen een nadeel van € 270.000.

-270.000

N

I

Programma 7 Volksgezondheid en milieu - Overige verschillen
Naast de omschreven afwijkingen per taakveld zijn er diverse kleine verschillen (< € 100.000) die wij niet verder toelichten.

140.000

V

I

8.

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing

8.1 Ruimte en leefomgeving - Faciliterende grondexploitaties/Anterieure overeenkomsten

Het BBV schrijft voor dat gemaakte kosten waarvan de verwachting is dat deze door middel van een overeenkomst verhaald kunnen worden op de balans worden gepresenteerd als nog te ontvangen bedragen. Vanaf 2022 is dit ook voor het gebied Enghuizen II het geval. In de loop van 2025 is duidelijk geworden dat een deel van de gemaakte kosten niet verhaald kunnen worden via het kostenverhaal. Een belangrijk deel van de reeds gedane en nog benodigde inzet ziet op vraagstukken die betrekking hebben op (toekomstig) gemeentelijk eigendom of beleidsmatige keuzes die uitsluitend in het publieke belang worden gemaakt. Voor deze werkzaamheden bestaat geen grondslag om kosten te verhalen op marktpartijen. Daarnaast zijn er nog wat kleinere voor- en nadelen bij andere projecten. Per saldo een nadeel van € 377.000.

-377.000

N

I

8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerrein) - Grondexploitatie Babberich - Middag Oost & Zwanenwaay

Voor de jaarlijkse herziening van de grondexploitatie heeft een integrale doorrekening plaatsgevonden. Deze is uitgevoerd op basis van actuele marktontwikkelingen en de Notitie Parameters die op 16 december 2025 is vastgesteld. De resultaten van deze herziening zijn opgenomen in de Uitvoeringsrapportage Grondexploitatie 2025. In deze rapportage is het verwachte resultaat voor Middag Oost & Zwanenwaay berekend op negatief € 3.353.000 (netto contante waarde per 1 januari 2026). Ten opzichte van het voorgaande jaar betekent dit een verbetering van € 423.000 NCW. De verbetering wordt veroorzaakt door de volgende factoren:
1. Aanpassing grondprijzen en overige opbrengsten
De grondprijzen zijn aangepast op basis van de grondprijsbrief 2026 en recent afgesloten overeenkomsten. Daarnaast zijn extra overige opbrengsten ontvangen uit bijdragen voor de inrichting van het openbaar gebied. Gezamenlijk heeft dit een positief effect van € 61.000 op de grondexploitatie.
2. Rente-effecten
De rente-effecten bedragen € 3.000 voordelig. De verplichte discontovoet van 2%, waarmee het resultaat contant wordt gemaakt, wijkt de laatste jaren fluctuerend af van de rekenrente. De hogere rentevoet heeft een positieve uitwerking op deze verlieslatende grondexploitatie.
3. Extra plankosten
Conform de financiële verordening van de gemeente Zevenaar wordt vanaf 2025 ook overhead over inhuurkosten doorbelast aan de grondexploitaties (2025: 80%). Dit resulteert in een nadeel van € 34.000.
4. Vrijval van kosten door woonrijp maken
Het deelgebied Middag Oost is voor een groot deel woonrijp gemaakt. Hierdoor vallen kosten vrij die eerder geraamd waren voor het bouwrijp maken, maar niet meer noodzakelijk blijken te zijn. In totaal leidt dit tot een positief effect van € 418.000.
5. Prijspeilcorrectie
Om de budgetten te actualiseren naar het huidige prijsniveau heeft een prijspeilcorrectie plaatsgevonden. Dit resulteert in een nadeel van € 17.000.
6. Actualisatie kosten- en opbrengstenstijging
De percentages voor kosten- en opbrengstenstijging zijn geactualiseerd op basis van de uitgangspunten voor de herziening per 1 januari 2026. Door een relatief sterkere kostenstijging is sprake van een negatief effect van € 8.000.

423.000

V

I

8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerrein) - Grondexploitatie Vestersbos

Voor de jaarlijkse herziening van de grondexploitatie heeft een integrale doorrekening plaatsgevonden. Deze doorrekening is uitgevoerd op basis van actuele marktontwikkelingen en de Notitie Parameters die op 16 december 2025 is vastgesteld. De resultaten hiervan zijn opgenomen in de Uitvoeringsrapportage Grondexploitatie 2025.

In deze rapportage is het verwachte resultaat voor Vestersbos berekend op negatief € 362.000 (netto contante waarde per 1 januari 2026). Ten opzichte van het voorgaande jaar betekent dit een verbetering van € 160.000 NCW.

De verslechtering wordt veroorzaakt door de volgende factoren:
1. Rente effecten
De rente effecten bedragen € 77.000 negatief. Hoewel de hogere rentevoet een negatieve uitwerking heeft, zorgt de wijziging in rentepercentages in verschillende jaren tegelijkertijd voor een beperkt positief effect door afwijkingen in de rekenrente.
2. Prijspeilcorrectie
Om de budgetten te actualiseren naar het huidige prijsniveau heeft een prijspeilcorrectie plaatsgevonden. Deze correctie resulteert in een negatief effect van € 49.000.
3. Bijstelling grondopbrengsten
Op basis van de nieuwe selectieleidraad zijn de grondopbrengsten bijgesteld. Dit leidt tot een positief effect van € 461.000 op de grondexploitatie.
4. Extra plankosten
Conform de financiële verordening van de gemeente Zevenaar wordt vanaf 2025 ook overhead over inhuurkosten doorbelast aan de grondexploitaties (2025: 80%). Dit resulteert in een nadeel van € 152.000.
5. Actualisatie kosten-  en opbrengstenstijging
De percentages voor kosten- en opbrengstenstijging zijn geactualiseerd op basis van de uitgangspunten voor de herziening per 1 januari 2026. Door een hogere opbrengstenstijging én hogere kostenstijging ontstaat per saldo een positief effect van € 48.000.
6. Civieltechnische kosten
De extra civieltechnische kosten bedragen € 72.000 negatief. Dit wordt veroorzaakt door het overboeken van kosten vanuit de algemene dienst die oorspronkelijk op de grondexploitatie geboekt hadden moeten worden en in eerste instantie niet waren voorzien.
7. Overige verschilllen
De overige niet nader verklaarde verschillen bedragen per saldo € 1.000 positief, voornamelijk door afrondingen binnen de grondexploitatie.

160.000

V

I

8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerrein) - Grondexploitatie Waaijakkers

Voor de jaarlijkse herziening van de grondexploitatie heeft een integrale doorrekening plaatsgevonden. Deze doorrekening is uitgevoerd op basis van actuele marktontwikkelingen en de Notitie Parameters die op 16 december 2025 is vastgesteld. De resultaten van deze herziening zijn opgenomen in de Uitvoeringsrapportage Grondexploitatie 2025.

In deze rapportage is het verwachte resultaat voor Waaijakkers berekend op negatief € 129.000 (netto contante waarde per 1 januari 2026).

De verslechtering wordt veroorzaakt door de volgende factoren:
1. Rente-effecten
De rente-effecten bedragen € 6.000 positief. Hoewel de hogere rentevoet doorgaans een positieve uitwerking heeft op verlieslatende grondexploitaties, is dit positieve effect hier beperkt zichtbaar.
2. Prijspeilcorrectie
Om de budgetten te actualiseren naar het huidige prijsniveau heeft een prijspeilcorrectie plaatsgevonden. Dit leidt tot een negatief effect van € 14.000.
3. Extra kosten bouwrijp maken
De extra kosten voor het bouwrijp maken bedragen € 50.000 negatief. Dit wordt veroorzaakt door aanvullend onderzoek naar flora en fauna.
4. Extra plankosten
Conform de financiële verordening van de gemeente Zevenaar wordt vanaf 2025 ook overhead over inhuurkosten doorbelast aan de grondexploitaties (2025: 80%). Dit resulteert in een nadeel van € 196.000.
5. Actualisatie kosten- en opbrengstenstijging
De percentages voor kosten- en opbrengstenstijging zijn geactualiseerd op basis van de uitgangspunten voor de herziening per 1 januari 2026. Hierbij ontstaat per saldo een negatief effect van € 2.000.
6. De NCW per 1 januari 2025 was nog positief. Alleen voor het negatieve gedeelte wordt een verliesvoorziening gevormd. Dit heeft een positief effect van € 124.000.
6. Overige verschillen
De overige niet nader verklaarde afwijkingen bedragen per saldo € 3.000 positief. Dit komt voornamelijk door afrondingen.

-129.000

N

I

8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerrein) - Grondexploitatie Zevenaar-Oost Wonen

Voor de jaarlijkse herziening van de grondexploitatie heeft een integrale doorrekening plaatsgevonden. Deze is uitgevoerd op basis van de actuele marktontwikkelingen en de Notitie Parameters die op 16 december 2025 is vastgesteld. De resultaten van deze herziening zijn opgenomen in de Uitvoeringsrapportage Grondexploitatie 2025.

In deze rapportage is het verwachte resultaat voor Zevenaar Oost Wonen becijferd op negatief € 31.875.000 (netto contante waarde per 1 januari 2026). Ten opzichte van het voorgaande jaar betekent dit een verbetering van € 807.000 NCW.

De verbetering wordt veroorzaakt door de volgende factoren:
1. Bijstelling grondopbrengsten
De grondopbrengsten zijn bijgesteld op basis van tot stand gekomen overeenkomsten. Dit leidt tot een positief effect van € 469.000. De aanpassing betreft voornamelijk de opbrengsten van de sociale huurwoningen binnen Het Hof.
2. Overige opbrengsten
Het saldo van overige opbrengsten heeft een positief effect van € 449.000. Dit komt door extra opbrengsten uit de aansluitbijdrage voor het warmtenet in Het Hof en het vervallen van een eerder te betalen financiële bijdrage.
3. Vrijval van kosten door woonrijp maken
Enkele deelgebieden binnen Zevenaar Oost Wonen zijn grotendeels woonrijp gemaakt. Hierdoor vallen kosten vrij die eerder geraamd waren voor bouwrijp maken, maar niet meer nodig blijken te zijn. Het budget voor woonrijp maken blijft behouden. Per saldo levert dit een positief effect op van € 949.000.
4. Extra plankosten
De procedures duren langer dan eerder verwacht. Daarnaast wordt, conform de financiële verordening van de gemeente Zevenaar vanaf 2025 ook overhead over inhuurkosten doorbelast aan de grondexploitaties (2025: 80%). Deze combinatie beïnvloedt de plankosten en resulteert in een nadeel van € 745.000. Een deel van deze kosten wordt gecompenseerd door vrijvallende budgetten binnen Zevenaar Oost Wonen.
5. Rente effecten
De rente effecten bedragen € 243.000 negatief. De hogere rentevoet heeft een ongunstige uitwerking op deze verlieslatende grondexploitatie. Dit wordt versterkt doordat de verplichte discontovoet van 2% afwijkt van de rekenrente.
6. Actualisatie kosten-  en opbrengstenstijging
De percentages voor kosten-  en opbrengstenstijging zijn geactualiseerd op basis van de uitgangspunten voor de herziening per 1 januari 2026. Hoewel beide stijgen, leidt de relatief sterkere kostenstijging tot een negatief effect van € 3.000.
7. Prijspeilcorrectie
Om de budgetten te actualiseren naar het huidige prijsniveau is een prijspeilcorrectie uitgevoerd. Deze correctie resulteert in een nadeel van € 70.000.
8. Overige verschillen
Niet nader verklaarde verschillen bedragen per saldo € 1.000 positief. Dit vloeit vooral voort uit afrondingen binnen diverse deelgrondexploitaties.

807.000

V

I

8.3 Wonen en bouwen - Wonen
Het was de verwachting dat in 2025 € 1.033.000 nodig zou zijn voor diverse onderdelen uit het plan woningbouw welke dekking heeft uit de bestemmingsreserve woningbouw. Echter de realisatie laat in 2025 maar € 404.000 zien. Dit verschil wordt o.a. veroorzaakt door vertraging in het project flexwoningen Reisenakker. De afronding van het project vindt plaats in 2026. Ook het onderzoek naar standplaatsen woonwagens laat in 2025 een lagere realisatie zien dan begroot. Ook dit proces zal naar verwachting in 2026 gaan lopen. Een voordeel bij de lasten van € 629.000.

629.000

V

I

8.3 Wonen en bouwen - Omgevingsvergunningen en toezicht
In de 2e voortgangsrapportage 2025 is de verwachting uitgesproken dat voor een bedrag van € 1.051.000 aan leges ontvangen zou worden. In werkelijkheid is € 1.499.000 ontvangen. Dit kan verklaard worden doordat in het vierde kwartaal 2025 meer omgevingsvergunningen voor grote projecten zijn vergund dan eerder verwacht.

448.000

V

I

8.3 Wonen en bouwen - Realisatiestimulans
Op 5 november 2025 heeft het Rijk de regeling realisatiestimulans vastgesteld. Het doel hiervan is om lokale woningbouw te versterken en onrendabele projecten haalbaar te maken in heel Nederland. In de vorm van een Spuk-uitkering ontvangen gemeenten € 7.000 per betaalbare woning waarvan de bouw start tussen 1 januari 2025 en 31 december 2029. In 2025 is in Zevenaar voor 103 betaalbare woningen met de bouw gestart. Hiervoor ontvangen wij € 721.000. In de begroting was hier nog geen rekening mee gehouden.

721.000

V

I

0.10 Onttrekkingen reserves - Bestemmingsreserve woningbouw
In de begroting is rekening gehouden met een onttrekking uit de bestemmingsreserve van € 1.558.000. Zoals bij 8.3 Wonen en bouwen - Wonen is aangegeven is die onttrekking in 2025 lager uitgevallen. Dit levert een nadeel op van € 629.000.

-629.000

N

I

Programma 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing - Overige verschillen
Naast de omschreven afwijkingen per taakveld zijn er diverse kleine verschillen (< € 100.000) die wij niet verder toelichten.

183.000

V

I

Overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen reserves

Inleiding
In de bijlage reserves en voorzieningen vindt u een overzicht van de toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. Vaak zijn deze toevoegingen en onttrekkingen incidenteel. Structurele toevoegingen en onttrekkingen beïnvloeden het structurele saldo van de begroting. Daarom is in het BBV een overzicht van de structurele toevoegingen en onttrekkingen verplicht gesteld. Hieronder treft u het overzicht aan.

Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves

Bedragen x € 1.000

Reserve

2025

Lasten (toevoegingen in reserves)

2.257

Totaal structurele toevoegingen in reserves

2.257

Baten (onttrekkingen aan reserves)

Algemene reserve

-

Reserves afschrijvingslasten

556

Totaal structurele onttrekkingen aan reserves

556

Saldo toevoegingen minus onttrekkingen

1.701

Deze pagina is gebouwd op 06/02/2026 14:53:12 met de export van 06/02/2026 14:29:16